Wie stopt met beter te worden, stopt met goed te zijn.

Omgaan met feedback. Ja, maar…

En het is waar, het is ook lastig om de Ja maar’s te ontzenuwen.  Ze hebben vaak te maken met onze eigen gevoeligheden en onzekerheden.

Ja maar als ik om feedback vraag dan krijg ik misschien iets te horen wat ik niet wil horen.

Ja maar als ik om feedback vraag dan denkt men mogelijk dat ik onzeker ben.

Ja maar als ik om feedback vraag dan moet ik er ook wat mee gaan doen en ik weet niet of ik dat wil.

Zijn het dan wéér die overtuigingen die ons belemmeren?

Ja maar als ik feedback geef dan moet ik wel zeker zijn van mijn gelijk anders krijg ik een conflict

Ja maar als ik feedback geef dan vindt hij mij mogelijk niet meer zo aardig en word ik de volgende keer gepasseerd.

Ja maar ik heb helemaal geen zin om feedback te geven, dat gedrag is zijn probleem.

Natuurlijk is het verstandig om niet meteen met je feedback klaar te staan. Soms kun je beter eerst een vraag stellen voordat je met je betere mening op de proppen komt. En geef je ook zo nu en dan een compliment?

Ja maar waarom zou ik moeten bedanken voor feedback waar ik helemaal niet op zit te wachten?

Ja maar ik heb toch helemaal niet gevraagd naar de mening van de ander? Het is hypocriet om te bedanken of door te vragen.

Ja maar ongevraagde feedback is eerder bemoeizucht dan een cadeautje. Ik ben wie ik ben, zo simpel is het. Ik hoef toch niet te veranderen omdat iemand iets van mij vindt?

Laat ik de vraag dus anders stellen:

Wil je van tijd tot tijd de dialoog aangaan met je collega of vriendin om te checken of de samenwerking , respectievelijk de relatie nog goed is? Gewoon, omdat een goede relatie meer plezier en energie geeft dan een minder goede relatie.

Ja? Dan vraag je van tijd tot tijd hoe het in de samenwerking 
gaat, je vertelt hoe jij de samenwerking ervaart en je luistert met respect naar elkaars beleving. Om dan samen in alle eerlijkheid verder te gaan. 

En het is waar. Het is niet zo lastig als het lijkt. 

Ingrid Wassing